 |
Inleiding
Oorzaken
Hulpmiddelen Media
Interviews
Forum |
Interviews met betrokkenen |
| |
|
Incontinentie door verminderde mobiliteit |
Bron: Gerion.nl
Opleiding verpleeghuisarts, een interview met Wilma Deerenberg
Ouderen hebben niet alleen ouderdomskwalen Wilma Deerenberg (48) is een bekende verschijning voor de bewoners van verpleeghuis Naarderheem in Naarden. Ze kunnen het prima vinden met dokter Wilma, die er verpleeghuisarts en manager behandelzaken is. Deerenberg op haar beurt, geniet dagelijks van de positieve keerzijde van de ouderdomsmedaille. "Ouderen zijn interessante mensen. Ze hebben een heel leven achter zich. Als je alleen de restanten ziet van de krachtige, gezonde jonge mensen die ze ooit waren, kijk je met de verkeerde bril. Ik zie ze als mensen die in een specifieke fase van hun leven specifieke behoeftes hebben. Dingen gaan niet meer zo makkelijk als je ouder bent. Dat betekent dat ik vaak samen met hen heel essentiële beslissingen moet nemen. Ga je nog door met behandelen? Behandel je beter alleen palliatief?" "Ik heb er versteld van gestaan hoe groot je rol nog kan zijn bij iemands overlijden." "Het verpleeghuis is voor een aantal mensen, maar zeker niet voor iedereen, een eindstation. Ik vind dat niet treurig - doodgaan doen we allemaal. Het is waardevol als je rustig kunt sterven, zonder pijn en benauwdheid. Toen ik pas in dit vak zat, heb ik er versteld van gestaan hoe groot je rol kan zijn bij iemands overlijden. Het scheelt zó veel om helder aan iemand uit te leggen waar de grenzen liggen, wat de gevolgen van een keuze zijn, wat de kansen zijn. Voor mij is het een enorme uitdaging om iemand in zo'n situatie terzijde te staan. Dat mensen hun waardigheid kunnen behouden tot het laatste moment." Dat de dokter af en toe langskomt voor een dolletje of een praatje maakt over het huwelijk van de kroonprins, is zeker zo belangrijk als nóg maar weer een onderzoek. Weten wanneer je moet stoppen en wanneer het genoeg is met behandelen. Ook dat is voor Deerenberg essentiële kennis. Vakinhoudelijk wordt de verpleeghuisarts nogal eens onderschat, vindt ze. Verpleeghuisartsen zijn eigenlijk huisarts, geriater, revalidatiearts en 'palliater' tegelijkertijd. "Het zijn de doelgroep en de specifieke medische klachten die het werk specialistisch maken. Maar ouderen hebben daarnaast ook de gewone alledaagse klachten. Net als een huisarts zie je problematiek op allerlei gebied. Toen ik begon, zag ik in het verpleeghuis bijvoorbeeld veel meer verschillende psychiatrische problemen dan ik had verwacht. Je denkt direct aan dementie, maar ik trof mensen met een persoonlijkheidsstoornis, depressiviteit of verwardheid. Juist omdat ouderen zo divers zijn, is het een heel breed vakgebied." Toch is de status van specialisme in een ander opzicht wel correct. Neem nu een veelvoorkomende klacht bij ouderen: verminderde mobiliteit. Het begint met een zuiver medische klacht, zoals een versleten heup. Wie ermee thuis woont, raakt geïsoleerd, want de deur uit gaan doet pijn. Naar het toilet ga je ook niet zo vaak meer, wat leidt tot incontinentie. Deprivatie, slechte eetgewoonten en vereenzaming liggen op de loer. "Zo iemand krijgt te maken met een opeenstapeling van met elkaar samenhangende problemen. De versleten heup behandelen is dan maar één ding." Deerenberg werkt om die reden met plezier samen in een multidisciplinair team, dat uit medici, paramedici, verzorgenden, psycholoog en maatschappelijk werkenden bestaat. "Die samenwerking voegt iets toe. Als verpleeghuisarts ben je regisseur."
In het verpleeghuis vond Deerenberg een goed evenwicht tussen medisch technisch handelen, de ethische kanten van het vak en het samenwerken in een multidisciplinair team. "Ik heb een jaar wat anders gedaan. Toen ik terug kwam merkte ik pas hoe leuk ik dit werk eigenlijk vond. Het is zinvol, en je krijgt veel waardering. Niet alleen van patiënten, ook van je collega's en het management." |
| Ouderen vaker in '24 uurs'-luiers |
Bron: Lindadagboek.nl
Ouderen vaker in '24 uurs'-luiers, een gesprek met Linda
Steeds meer oudere bewoners van verzorgings-en verpleeghuizen dragen de hele dag een luier. Dit is niet omdat iedere oudere incontinent is, door de hoge werkdruk is er bijna geen tijd om de bewoners die dat niet zelfstandig kunnen, naar het toilet te brengen.
Dat leidt er dus toe, volgens het LOC (Landelijke Organisatie Clïentenraden) ,dat steeds meer bewoners steeds vaker terecht komen in een '24 uurs-luier' en onderworpen zijn aan zogeheten toiletrondes.
Het LOC vreest dat het gebruik van deze luiers in deze vakantietijd erg zal toenemen, omdat de personeelsdruk nog groter is dan normaal.
Ik ben hier echt van geschrokken, mensen die niet incontinent zijn, krijgen omdat er té weinig personeel is een luier om want ja je moet wat.
Ik vind niet dat we het personeel dit mogen verwijten zij kunnen niet anders lijkt wel, een luier is altijd beter dan dat mensen nat zijn want dat heeft ook weer erg vervelende gevolgen, maar dat het al uit voorzorg gebeurdt vind ik echt erg en voor de mensen die het betreft vreselijk.
Er stond geen oplossing bij en ik denk ook niet dat die er zomaar is, maar wat ik wel weet is dat deze regering het heel erg slecht doet want ze willen maar bezuinigen op de gezondheidszorg en wie zijn daar de dupe van?
Juist die mensen die altijd hard hebben gewerkt en er mede voor hebben gezorgdt dat Nederland zo'n "welvarend" land is en dat maakt het dubbel schrijnend.
Zou het ooit weer goed komen met de gezondheidszorg in ons land? |
| wc-papier met veiligheidsspelden |
Bron: Erasmusmc .nl
Interview met Jennie (39), geriatrisch verpleegkundige
"Ik heb altijd een speciaal gevoel voor ouderen gehad. Een zeventig- of tachtigjarige die een heel leven achter de rug heeft, altijd keihard heeft gewerkt, voor een gezin gezorgd, allerlei problemen gehad en overwonnen, daar voel ik respect voor, eerbied. Lichamelijke en geestelijke aftakeling zijn een aanslag op iemands waardigheid. Het is vreselijk om plotseling dingetjes te vergeten of incontinent te worden. Zeker in een maatschappij die ouderdom en aftakeling niet accepteert.
Ouderen vormen een kwetsbare groep mensen die een groot krediet bij mij hebben. Tegelijk is dit een soort patiënt die veel van je vraagt. Er zijn patiënten die je compleet leegzuigen; patiënten die denken 'ik ben oud, dus jij moet voor mij zorgen', en vervolgens ook helemaal niets meer zelf doen, terwijl ze dat best kunnen. Een meneer, bijvoorbeeld, die roept: 'Zuster, ik moet plassen', en zwaar beledigd is als ik antwoord dat hij best zelf zijn rolstoel naar het toilet kan rollen en dat ik graag kom helpen als hij daar eenmaal is. Het is een constante strijd om mensen te wijzen op hun eigen mogelijkheden. Soms lijkt het makkelijker om iemand dan toch maar even snel naar de wc te rollen of onder de douche te zetten, maar daarmee ondergraaf je je eigen inspanningen."
"Daar staat tegenover dat geriatrisch patiënten je zeer dankbaar kunnen zijn. Een keurige dame met beginnende dementie bijvoorbeeld, die jarenlang besmuikt wc-papier met veiligheidsspelden in haar slip had bevestigd, was vreselijk opgelucht toen ik haar vertelde dat er speciale incontinentieproducten bestaan."
"Waar ik slecht tegen kan, is als patiënten lijden; als mensen pijn hebben, benauwd zijn of in paniek. Ouderen krijgen nog al eens een te lage dosering pijnbestrijders, omdat teveel hen fataal kan zijn. Maar als iemand in een vergevorderd stadium van dementie het dag en nacht uit ligt te schreeuwen, niet meer eet en niet meer slaapt en zichzelf letterlijk 'doodroept' - aan uitputting sterft - waarom zou je bij zo iemand het risico van overdosering vermijden? Ik voel me de advocaat van de patiënten en ga geregeld de discussie aan met artsen. Als ik de ene arts niet kan overtuigen, probeer ik het bij de volgende dienstdoende arts. Ik zie de mensen per slot van rekening acht uur per dag, de arts komt een keertje langs wanneer de patiënt misschien net slaapt! Ik ga net zo lang door tot de patiënten krijgen waar ze recht op hebben."
"Ook moeilijk soms, is de stervensbegeleiding. En dan niet van de patiënten, die zijn oud en vinden het vaak wel genoeg geweest, maar van de begeleiding van de nabestaanden. Een zoon die een waardeloze relatie met zijn vader had en zegt dat deze wat hem betreft mag sterven… Of een dochter die zich wanhopig afvraagt hoe ze verder moet zonder haar moeder die er altijd voor haar is geweest. Je kunt niet meer doen dan luisteren, een arm om iemand heen slaan, er gewoon zijn. 'Wat een ellende', denk ik dan wel eens verdrietig. Zeker als ik erg moe ben en niet meer in staat om indrukken te filteren, waardoor alles binnen komt. Om af te reageren ga ik uit met vrienden, de kroeg in, en weekendjes weg met mijn man, die bij de ANWB-alarmcentrale werkt en er dus alles van snapt."
"Soms denk ik wel eens: 'Was ik maar gewoon directiesecretaresse of zo.' Ha, ha, nee hoor. De afdeling Geriatrie is mijn plek. Ik wil hier nooit meer weg |
| |
|
| |
|
|
|